DAR of DART

24/04/2014

Ooit werd bij een cursus het acroniem DAR geïntroduceerd, wat stond voor: Doel, Acties en Resultaat. We kunnen dit acroniem in sommige situaties uitbreiden tot DART, wat staat voor: Doel, Acties, Resultaat en Terugkoppeling.

DART

Didactisch handelen
We hebben geleerd om onze lessen met het doel (of de leerdoelen) te beginnen. De acroniemen DAR en DART sluiten hierbij heel mooi aan: we structureren hiermee ons didactisch handelen en geven leerlingen en studenten bovendien een waardevol instrument bij het oplossen van vraagstukken.

Een toepassingsvoorbeeld
We geven een toepassingsvoorbeeld van de acroniemen DAR en DART bij Rekenen. Hier leidt DAR(T) tot de drie (of vier) stappen bij het berekenen van rekenopgaven.

In de methode Rekenblokken van MALMBERG wordt uitgegaan van DAR via de onderstaande drie vragen (stappen).
1. Wat moet je berekenen? (Doel)
2. Welke berekeningen horen daarbij? (Acties)
3. Wat is het antwoord? (Resultaat)

We kunnen nu de drie vragen via DART in sommige situaties met een vierde vraag uitbreiden, namelijk met de controlevraag, of -stap.
1. Wat moet je berekenen? (Doel)
2. Welke berekeningen horen daarbij? (Acties)
3. Wat is het antwoord? (Resultaat)
4. Klopt het antwoord dat je hebt berekend? (Terugkoppeling)

Het effect
Het effect van de vierde vraag is dat een extra kwaliteitsborging in het stappenplan wordt bereikt. Je kunt deze vraag ook lezen als: is het antwoord dat je hebt berekend, inderdaad het antwoord op wat je moest berekenen?

Advertisements

STEUNPUNT Taal&Rekenen mbo

23/04/2014

STEUNPUNT Taal&Rekenen mbo

OCW wil in alle onderwijssectoren het taal- en rekenniveau op orde brengen. […] Het Steunpunt taal en rekenen mbo springt in op deze ontwikkelingen.

Zie: http://www.steunpunttaalenrekenenmbo.nl/steunpuntmbo/

Wat wil jij leren?

18/04/2014

We willen de website Leren.nl nog eens onder jouw aandacht brengen: je vindt op deze website bijvoorbeeld handige informatie over je een Persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) of een Portfolio kunt maken.

Leren Leren en studeren

Op Leren.nl vind je gratis online cursussen en andere kennisbronnen over allerlei onderwerpen.

Projectfocus: bod vangen of een BOT doen

18/04/2014

Wij leren MBO- en HBO-studenten een realistische activiteitenplanning van een (complex) project op te stellen en om dit in een document op te nemen, dat ook wel het Plan van Aanpak (PvA) wordt genoemd.

Twee keer bot vangen
We zien dat studenten hun project nauwgezet in activiteiten verdelen, maar als docenten vangen we in het PvA vaak twee keer bot:
1. we zien de som van het aantal te besteden uren ontbreekt, terwijl wij dit totaal -als docent en opdrachtgever- juist erg belangrijk vinden.
2. we hebben met sommige teams wat moeite om duidelijkheid te krijgen over het (totaal) te werken aantal uren.

Bot down methode

Het BOT en het NET
Na het afgelopen project hebben wij de studenten daarom een ander recept (een andere methode) voorgeschoteld. In het recept ligt de focus op de begrippen Bruto Overall Total (BOT) en Netto Effective Total (NET) en staan deze totalen centraal.

Het BOT is het aantal uren dat je in totaal hebt te besteden. Een voorbeeld: als je met 3 personen gedurende 5 dagen 7 uren werkt aan een project, dan is dit aantal gelijk aan 105 uren.

Het NET is het aantal dat je effectief (intensief) aan het project zult werken en je kunt hiervoor een ratio in procenten afspreken. Een voorbeeld: indien je 85% van je uren effectief aan dit project werkt, dan is het NET gelijk aan (bijna) 90 uren.

Het NET wordt vervolgens -en volgens overeengekomen verhoudingen- verdeeld in fases, bijvoorbeeld: 15% initiatiefase, 30 % ontwerpfase, 40% bouwfase en 15% testfase.

De verschillende fasen worden daarna in activiteiten of taken verder verdeeld, waarbij een Product Breakdown Structure (PBS) als hulpmiddel wordt gebruikt.

De effecten van het BOT en het NET
De effecten van het nieuwe recept zal uit het volgende project wel blijken.

We verwachten de urentotalen in het PvA terug te vinden en we verwachten ook te zien hoeveel uren de studenten daadwerkelijk (van plan zijn te) werken, dus meer overeenstemming en helderheid te verkrijgen over hun projectinzet.

Het is voor studenten overigens volslagen duidelijk dat met het BOT een basis voor een bod mogelijk is, als het gaat om de uitbesteding en het gunnen van een project: het BOD, de prijs van een project wordt immers voor een groot deel door het BOT bepaald.

Projectfocus

Beroemde projectmanagement cartoon

Beroemde of beruchte projectmanagement cartoon

Misschien is een effect van het nieuwe recept dat studenten met hun BOT komen en hun project nu minder nauwgezet in activiteiten verdelen, omdat hun focus nu op het BOT en NET ligt en we kennen wellicht allen de beroemde of beruchte projectmanagement cartoon immers wel …

Zorg dat hij/zij op de [t] komt

13/04/2014

De Nederlandse taal is door de vele spreekwoorden, gezegden, zegswijzen, uitdrukkingen en homoniemen best moeilijk te begrijpen en wie denkt dat de regels voor het vervoegen van werkwoorden [zo] logisch zijn, die kan ook op de koffie komen.

Bron illustratie: Man bijt hond

De regels bij het vervoegen
Net zo curieus als de vele spreekwoorden, gezegden, zegswijzen, uitdrukkingen en homoniemen zijn ook de regels, die men het vervoegen van werkwoorden placht te gebruiken. Wie kent deze regels -bijvoorbeeld- niet: wordt met dt en stam plus t.

Wordt met dt
Al heel vroeg heb ik geleerd dat “wordt met dt” onzin is, want hiermee -zo ontdekte ik onlangs- zou de vervoeging “worddt” worden. Nee, de juiste regel was: stam plus t.

Stam plus t
Afgelopen vrijdag ontdekte ik dat ook “stam plus t” niet steekhoudend is:) want wat zou dan de vervoeging van het werkwoord vergeten zijn? Het is immers niet: hij/zij vergeett.

Eindig op de t
Eigenlijk is er één regel, die “wordt met dt” en “stam plus t” overtreft, ook omdat [deze] regel het probleem van worddt en vergeett volledig opheft:) neem de stam en zorg dat hij/zij op de t (uit)komt.

Zorgt dat hij op de t eindigt

Uitzonderingen
Helaas is de Nederlandse taal nog niet zo [logisch] dat we nu met één regel uit de voeten kunnen:) wij mogen willen dat de student bij enkele werkwoorden (zoals mogen en willen bijvoorbeeld) de nieuwe regel weer vergeet. Het is immers niet: hij/zij/het magt en wilt.

Username en Name

09/04/2014

Edukeet heeft haar name op Twitter in edukeet veranderd, want het was eduKEET en hierin kreeg het woord [KEET] te veel nadruk. Haar username en photo blijven ongewijzigd.

Photo Name en Username

Twitter puriteins

09/04/2014

Edukeet twittert voortaan met een andere opmaak van (re)tweets en sluit vanaf nu meer aan bij algemeen geldende conventies.

In dit blogbericht wordt uitgelegd hoe de tweet en retweet er voortaan uitzien en wat het beoogd effect van de andere opmaak is.

Tweets
Accolades

Bij tweets staan de hashtags voortaan vooraan, gevolgd door de headline die zo kort en krachtig als mogelijk is. Belangrijk woorden worden met [haakjes] benadrukt. Informatie voor de lezer wordt tussen {accolades} gezet.

Verwijzingen naar blogberichten of media staan op het einde van de tweet en vaak wordt hier ook een verkorte hyperlink gebruikt.

Retweets
Denkwijsheid

Bij een retweet staan de (nieuwe) hashtags ook voortaan. De hashtags worden eventueel -maar niet noodzakelijk- gevolgd door de headline, die dan een reactie is op de oorspronkelijke tweet is.

Retweets worden met RT aangeduid, gevolgd door de @username van de oorspronkelijke tweetenaar en de oorspronkelijke (letterlijke) tweettekst.

Indien de oorspronkelijke tweettekst lang is, dan kort Edukeet de tweettekst in en geeft dit met […] aan. De oorspronkelijke hashtags worden ook (vaak) weggelaten.

Effect
Het effect van de veranderde opmaak van (re)tweets is, dat deze nu beter zijn te lezen. Bovendien staan de belangrijkste onderdelen voortaan vooraan: de hashtags en de headlines …

Kofferproof

05/04/2014

Aan eerstejaars studenten vertel ik dat hun opdrachten en verslagen “kofferproof” moeten zijn, wat inhoudt dat zij de opdrachten en verslagen voorzien van correcte kop- en voetteksten met hun naam, de datum en het paginanummer.

Kofferproof

Ik vertel het hen als volgt. Stel je voor dat ik:
1. alle ingeleverde opdrachten en verslagen in mijn attachékoffer doe;
2. deze attachékoffer sluit en vervolgens heel goed door elkaar schud;
3. daarna de attachékoffer omgekeerd boven een tafel zal openen.

Ik vertel hen vervolgens de clou: dat ik alle (losse) papieren op de tafel weer kan samenvoegen en kan thuisbrengen op basis van de informatie in de kop- en voetteksten.

De volgende les deel ik alle opdrachten en verslagen uit. Alles dat niet op basis van de kop- en voetteksten was thuis te brengen leg ik echter voorin de klas met het verzoek aan de eigenaren om alsnog hun naam, de datum en het paginanummer erop te schrijven … mogelijk zal het alsnog worden nagekeken.

Het effect is dat de studenten via deze werkwijze leren dat zij hun producten volgens geldige regels en procedures aanleveren: indien het (bijvoorbeeld) niet juist wordt aangeleverd, dan kan dit immers leiden tot vertraging in de verwerking (beoordeling) van hun producten … en dat is ook een wijze les voor in hun toekomstige beroepspraktijk.

Overzicht van vlakke (2D) en ruimtelijke (3D) meetkundige figuren

02/04/2014

Meetkundige figuren


VIDEO
Voor: VO, klas 1 – VO, klas 2
Lengte: 3:00 minuten

Meetkundige figuren kom je overal tegen. Een architect gebruikt deze figuren bij het ontwerpen. Hoe maak je van een 2D een 3D tekening? Zie: Vlakke en ruimtelijke figuren [VIDEO]


Presenteren: niet precies zeggen wat men ziet

22/03/2014

Het is een hele kunst om een juiste balans en kadans tussen (jo)uw verhaal en Prezi- of PowerPointplaatjes te vinden.

Diaprojector

In een fotoboek stond eens de gouden tip om bij een diavoorstelling (die bestonden toen nog) niet precies te zeggen wat men ziet. Dus niet:

“Hier zie je Jantje met ‘n schepje en emmertje op ‘t strand … “

Je zou –bijvoorbeeld– beter een verhaal als volgt kunnen vertellen bij de dia van Jantje op het strand:

“Wij zijn dit jaar in Scheveningen op vakantie. Je treft ons elke dag op het strand. We bezoeken ook Madurodam, Panorama Mesdag, het Gemeentemuseum en het Museon … ”

Voor een Prezi- of PowerPointpresentatie geldt eigenlijk hetzelfde als bij een diavoorstelling: lees niet voor wat op de dia staat en zet op de dia ook niet (te) veel tekst, omdat mensen anders lezen (in plaats van luisteren).

Nogmaals, zo vertellen is wel een hele kunst en hiervoor is ook een goede voorbereiding nodig: zorg daarbij vooral dat uw dia’s het verhaal -als de stokken van een tent- ondersteunen.